1987 - 1997

 

Het conflict bleef gedurende lange tijd beperkt tot enkele schermutselingen tussen Palestijnse jongeren gewapend met keukenmessen en schroevendraaiers en het IDF. Hoewel de meerderheid van de Palestijnen gaf aan niet in staat te zijn tot een dergelijke actie.

Tot op 9 december 1987 een verkeersongeval de woede liet oplaaien. Vier Palestijnen kwamen om toen hen voertuig in botsing kwam met een IsraŽlische vrachtwagen. Het gerucht deed de ronde dat het ongeval uitgelokt was om de dood van een IsraŽli te wreken die de week voordien in Gaza neergestoken was.

Weinig later omsingelden enkele Palestijnse jongeren een IsraŽlisch militair voertuig en bekogelden het met molotovcocktails. Hoewel deze incidenten niet bijzonder waren provoceerden ze een opstand in Gaza, en later in de Westbank. In amper twee dagen stonden de Palestijnen op straat stenen te gooien naar de IsraŽlische soldaten die antwoorden met de wapens.

Het leger reageerde met ďadministratieve aanhoudingenĒ, op 1 januari 1988 waren 1í000 Palestijnen aangehouden.

In de lente van 1988 werd de intifada (opstand in het Arabisch, letterlijk, afschudden) gevoed door de dagelijkse stakingen, manifestaties en de pijn die de vele doden reeds hadden veroorzaakt.

Aan beide zijden was de impasse totaal. Het economisch leven lag stil en honderden prominente Palestijnen waren dood of in de gevangenis.

 

Als de steden in de Westbank niet stillagen door de oproepen tot staking door de clandestiene leiders van het verzet, dan wel door de bezetting door het IDF.

Gedurende die tijd verminderde het toerisme in IsraŽl aanzienlijk. Dit leidde tot een belangrijke minderinkomst in een voor het land belangrijke sector en leidde tot uitgebreide stakingen.

Meer en meer polariseerde de IsraŽlische maatschappij zich, en twee groepen ontstonden, ťťn deel vond dat IsraŽl niets te zoeken had in Gaza en Westbank, een ander vond dat er meer draconische maatregelen dienden getroffen te worden.

In 1990, na twee en een half jaar van conflict en leek niets een toenadering te voorspellen. Het dodental was langs Palestijnse zijde opgelopen tot minstens 725 en langs IsraŽlische zijde tot 47.

Er waren toch enkele tekens van een evolutie in de situatie. De fractie van de PLO onder leiding van Arafat had reeds gedurende maanden geen aanval meer geleid. De intelligentiedienst gaf in een rapport voorbereid op vraag van de regering te kennen dat de weg naar vrede bestond uit onderhandelingen met de PLO. De Likoud wou er niet van horen.

Terwijl de vijandelijkheden intensifieerden viel Irak Kouweit binnen. IsraŽl en Palestina hielden de adem in, beiden hopend voor een andere afloop. Toen de luchtbombardementen begonnen in januari 1991 regeerde Sadam door Scud raketten af te vuren naar IsraŽl, echter zonder weinig slachtoffers te maken.

Washington vroeg aan IsraŽl de aanvallen niet te vergelden om de fragiele relaties tussen het Westen en de Arabische Staten niet te bemoeilijken. Saoedi-ArabiŽ, een van de voornaamste vijanden van  Irak beŽindigde alle subsidies aan de PLO, en de financiŽle middelen van Arafat droogden snel op.

James Baker, Amerikaans Staatssecretaris, wou gebruik maken van de nieuwe dynamiek om een vredesconferentie tussen IsraŽl en de Arabische staten te organiseren.

In 1991 herbegonnen IsraŽl en de Arabische staten voor het eerst de onderhandelingen sinds 1979: de Golfoorlog was beŽindigd en de Sovjet Unie was stervende.

Zonder inmenging van de VS zouden de oude vijanden nooit rond dezelfde tafel gezeten hebben. De Madrid Conferentie in de herfst van 1991 maakte deel uit van het plan voor de ďnieuwe wereld ordeď van George Bush in een periode vlak na de koude oorlog waar de Amerikaanse wil zich overal liet gelden. De conferentie verliep algemeen in een slechte sfeer. IsraŽli en Arabieren makten elkaar uit voor verader en agressor. Analisten wijdden dit niet in het minste aan de media die in grote aantallen aanwezig was, en politici dreef tot radicale uitspraken om niet zwak te lijken voor hen constituenten.

In Juni 1992 kwam Rabin aan de macht. De eerste premier die in IsraŽl geboren was stelde: ĒWe moeten het sentiment van isolement dat ons gedurende bijna een jaar onderdrukt overkomenĒ

Hij nam snel maatregelen die een einde moesten brengen aan de settlements in de bezette gebieden.

Die matregelen bleken niet voldoende voor vrede, in december 1992 verergerde de situatie. Een IsraŽlische wacht op weg naar huis werd door militanten van Hamas gekidnapte. Later werd zijn lichaam teruggevonden in de Westbank. Rabin beval de deportatie van 400 leden van Hamas. Dit bracht een schok teweeg in de internationale gemeenschap en hij liet later de helft van hen terugkeren. Een nieuwe spiraal van geweld ontketende. In maart 1993 werden 15 IsraŽli neergestoken. Dit gaf voor Rabin de aanleiding de Westbank en de Gazastrook te omsingelen.

Hij begon ook in 1992 met de bouw van een muur, zij het in een ongecontroleerde manier. Ehud Barak was ook voorstander van de muur: ď Ik zeg dat het antwoord en afscheiding van de Palestijnen is. IsraŽl heeft het niet nodig, en wil niet Ė voor veiligheids- diplomatieke- of morele redenen Ė over Palestina heersen. We moeten ons fysiek van hen scheiden Ö ďGood fences make good neighbours,Ē zoals Robert Frost zei.[1]

Wat voor de IsraŽli een essentiŽle veiligheidsmaatregel was, was voor de Palestijnen een collectieve straf.

Het is in dit klimaat dat de geheime onderhandelingen plaatsvonden in Noorwegen die zouden leiden tot het Oslo akkoord. Meer nog dan de vrede met Egypte betekende dit een erkenning van IsraŽl door de Arabische wereld. De PLO vernietigde haar charter dat opriep tot de vernietiging van IsraŽl, en IsraŽl normaliseerde haar relaties met de PLO en kent de Palestijnen beperkte autonomie toe (zie kaart op deze pagina).

De kracht van het Oslo akkoord was dat het in het vage bleef betreffende de essentiŽle punten zoals de status van Jeruzalem. Helaas was dit ook haar zwakte.

In 1994 wordt het akkoord van Oslo met horten en storten in de praktijk gebracht. IsraŽl zal zich voor een groot deel terugtrekken uit de Gazastrook en de Westelijke Jordaanoever. Bovendien moet na een periode van vijf jaar een overeenkomst worden gesloten over de belangrijkste punten van conflict: Jeruzalem, de grenzen en de Palestijnse vluchtelingen. Ook in dit jaar keert PLO-leider Yasser Arafat terug naar de Gazastrook.

In oktober ondertekenen IsraŽl en JordaniŽ een vredesakkoord en de buitenlandse investeringen in IsraŽl en Palestina nemen toe. De werkloosheid daalt en gouden tijden lijken aan te breken.

De vredesonderhandelingen tussen IsraŽl en SyriŽ verlopen echter moeizaam. De IsraŽlische premier Rabin onderhandelt met de SyriŽrs, maar wordt op 4 november 1995 met drie kogels langs achter neergeschoten door de 23 jarige Joodse extremistische student Yigal Amir. ďIk heb pijn maar het zal gaanĒ verklaard Rabin onderweg naar het hospitaal. Hij overleed voor hij aankwam.

Het trauma van de moord verdiepte de kloven die de Joodse maatschappij verdeelt in de fundamentele vragen van identiteit, religie, vrede, en de toekomst van het land zelf. De IsraŽli hadden altijd gevochten voor hen recht tot bestaan. Het Oslo akkoord verleende hen legitimiteit en veranderde alles.

 

Zijn opvolger Peres staakt de onderhandelingen wanneer in het voorjaar van 1996 57 IsraŽliŽrs worden gedood bij een aantal zelfmoordaanslagen door de Palestijnse Hamas-beweging en SyriŽ weigert de aanslagen te veroordelen.

In 1996 laait het geweld opnieuw op. In april bombardeert IsraŽl 17 dagen lang Libanon in een campagne tegen Hezbollah en raakt, naar het zegt per ongeluk, een VN-basis. Bij het bombardement komen 110 burgers om. In mei wint Likud-leider Netanyahu de verkiezingen met enkele honderden stemmen.



[1] Maar Frost schreef ook:

Before I build a wall Iíd ask to know

What I was walling in our walling out,

And to whom I was like to give offence.

Something there is that doesnít love a wall,

That wants it down.

                                                                                (Mending Wall, 1915)

 

 

Terug naar de vorige pagina                                                  Terug naar inhoudsopgave                                                                  Volgende pagina

                                                                                                         Terug naar home